Onze dagelijkse gewoonte geest is op overleven gericht. Dat hoeven we hem niet kwalijk te nemen, dat is gewoon zijn taak. ‘En gelukkig piept ons vrije bewustzijn, openheid, gewaarzijn, er keer op keer weer tussendoor!’ (uitspraak van Charaka Jurgens, mijn Kum Nye lerares ,93 jaar). Hoe fijn dat het vrije bewustzijn er keer op keer tussendoor komt om ons zo’n geluksmomentje te gunnen van openheid!
Neem jij wel eens de tijd om te lummelen? Om even helemaal niets te doen. Om zomaar op de bank te zitten om niet-te-doen, om te Zijn. Als ik hier de tijd voor neem, dan voel ik mezelf in eerste instantie vaak een beetje uit elkaar vallen. Alsof ik met zo’n bungy jump van een brug af spring, een vrije-val gevoel. Er is een gat… even niets. Misschien herken je dit. Je kunt het ook ervaren na een intensief trainingsweekend als je weer thuis op de bank zit of als je op vakantie gaat en je agenda leeg is. Sommige mensen komen het tegen als ze met pensioen gaan of als de familie weer naar huis gaat en jij thuis alleen achter blijft – met de afwas.

Tijdens de laatste retraite zei Hans Knibbe tegen iemand: als je een ravijn tegenkomt, spring er dan in. Natuurlijk bedoelt hij dat niet letterlijk, maar hij nodigt me wel uit om uit mijn gewoontezelf te stappen. Om dat gat, de leegte te ontmoeten.
Lummelen…
Lummelen staat haaks op het strategisch zelf dat geneigd is hard te werken. Het strategisch zelf wil vinkjes zetten op een to-do-lijstje, het wil dienstbaar bezig zijn. Met andere woorden: het doet zijn best en misschien hoopt het heimelijk op goedkeuring. Wanneer we lummelen, krijgen we deze goedkeuring niet.
In de huidige tijd lijken we vergeten hoe het is om te lummelen. Ik zie in het openbaar vervoer nauwelijks meer iemand die zomaar voor zich uit zit te staren. Meestal zie ik mensen met een mobiele telefoon in hun handen of met een laptop op schoot. Ook op bankjes in het park zijn mensen bezig met hun mobiele telefoon en lijkt het of ze vergeten om naar de bomen te kijken die nu zo mooi van kleur zijn. Ze hebben soms hun mobiel aanstaan met geluid misschien wel om de leegte op te vullen. Ik wil niet zeggen dat dit fout zou zijn, ik vraag me alleen af of we het verleerd zijn om te lummelen, om ons te vervelen, om stil te zijn zonder iets…..

Lummelen is niet-doen. Lummelen is Zijn, zomaar, zonder programma of agenda. Dit blijkt helend en gezond.
Lummelen maakt het mogelijk dat openheid zich zomaar aan je toont. Je zit op de bank, je-doet-niet en dan is er zo’n geluksmomentje. Je ervaart de stroom van je adem en je bent opeens zielsgelukkig. Je staart uit het raam en een traan van ontroering stroomt over je wang, zonder enige reden. Het overkomt je. Het valt je toe. Je kijkt naar je partner, je kind of je kleinkind en zomaar loopt je hart over van liefde. Zo nabij zijn geluksmomentjes.
Gek eigenlijk dat we weer mogen leren om te lummelen. Om ons te vervelen en dat juist dan het geluk, dat voor het oprapen ligt, naar de voorgrond kan komen.
Ik wens je vele uurtjes lummeltijd en nog veel meer geluksmomentjes.

